HomeProjectenProject rond leervoorsprong

Project rond leervoorsprong

LeervoorsprongTraditioneel wordt in lagere scholen veel aandacht besteed aan kinderen met leerproblemen. De jongste jaren is er echter een trend om ook aandacht te hebben voor een ‘vergeten groep’. De kinderen met hoogbegaafdheid en/of leervoorsprong. Alhoewel hoogbegaafdheid in eerste instantie klinkt als iets enorm positiefs, loeren er veel gevaren in het onderwijs. Hoogbegaafde leerlingen voelen zich bijvoorbeeld regelmatig een buitenbeentje in de klas, of worden niet genoeg geprikkeld door de leerkracht.

Statistisch gezien zijn 20% van de leerlingen begaafd (de sterke leerling) en 3% van de leerlingen hoogbegaafd. Scholen worden zich daar steeds meer van bewust. En steeds vaker beseffen ze ook dat het goed is om voor die sterke en (hoog)begaafde kinderen aangepaste begeleiding te voorzien.

Maar hoe zet je dit concreet om in de praktijk? Wat is hoogbegaafdheid precies? Hoe wordt de diagnose gesteld? Wat zijn de voor- en nadelen? Hoe ga je het beste om met hoogbegaafde kinderen? Welke aanpassingen zijn er nodig op school?

LeervoorsprongOm aan deze doelgroep tegemoet te komen en acties te ondernemen in onze school werd er een samenwerkingsverband gestart met Exentra (Expertisecentrum rondom hoogbegaafdheid °2012). Leerkrachten van onze school volgden een 3-jarige opleiding bij prof.dr.Tessa Kieboom van Exentra, met als doel om sterke en hoogbegaafde kinderen te herkennen en hen de juiste technieken en materialen aan te reiken om deze kinderen van de nodige uitdaging te voorzien zodat zij zelf hun eigenheid op een aangename en positieve manier kunnen leren ontdekken.

Wat wordt er nu concreet op onze school gedaan met deze kinderen:

1. Werken met ‘compacten’

In de klassen worden een aantal kinderen geselecteerd die tijdens de lessen ‘ander werk’ of ‘compacten’ krijgen. Wanneer we merken dat de basisleerstof beheerst is wordt een gedeelte van de basisleerstof  voor deze kinderen geschrapt en zij krijgen op dat moment meer uitdagende leerstof aangeboden die zij zelfstandig verwerken. In een persoonlijk aangemaakt mapje kunnen zij de oplossingen vinden om zelf te corrigeren. Gedurende één lesuur per week krijgt de klasleerkracht hiervoor ondersteuning van een zorgleerkracht. Deze leerkracht volgt – naast de klasleerkracht – de vorderingen van de leerling op en duidt de volgende opdrachten aan die tegen de volgende week kunnen opgelost worden.

In de eerste graad gebeurt dit allemaal onder begeleiding en onmiddellijke controle van de zorgleerkracht.

In de eerste leerjaren gaan deze ‘compacten’ enkel over het leerdomein wiskunde. In de hogere leerjaren komt daar voor bepaalde leerlingen W.O. en Frans bij.

2. Versnellen

Met ‘versnellen’ bedoelen we het overslaan van een leerjaar. Bij zowat elk hoogbegaafd kind wordt deze vraag wel ooit gesteld.

Versnellen is een tijdelijke oplossing. In een eerste fase is er de leerstof die moet ingehaald worden, maar vroeg of laat is er weer nood aan differentiatie naar boven toe. Er is ook een effect op sociaal-emotioneel gebied; zij vinden meer aansluiting bij oudere kinderen (woordenschat, interessesfeer…).

3. Tafels versnellen (2de leerjaar)

Hoogbegaafde kinderen en sterke rekenaars hebben vaak moeilijkheden bij het aanleren van de tafels. Vooral het automatiseren is een struikelblok. Zij bedenken vaak allerlei mogelijke trucjes om de tafels te berekenen waardoor ze onvoldoende snel en vlot kunnen opgelost worden. Het probleem ontstaat doordat in het 2de leerjaar - voor deze leerlingen - te lang gewerkt wordt rond het aanbrengen van de tafels. Voor deze kinderen worden de tafels in versneld tempo aangebracht (circa 4 weken). De andere leerlingen doen daar zowat het hele schooljaar over. Hierdoor komt er voor deze snelle rekenaars tijd vrij voor het maken van ‘ander werk’ (compacten).

4. Kangoeroeklas

LeervoorsprongIn de kangoeroeklas worden begaafde kinderen van eenzelfde leerjaar verzameld op een vast tijdstip in de week. De bedoeling is om hen in contact te brengen met ‘ontwikkelingsgelijken’, om hun ‘werkhouding’ te verbeteren en om hun ‘studievaardigheden’ te optimaliseren. Zij doen dit met speciaal ontwikkelde denkpuzzels, Japanse beeldzoekers, logigrammen, strategiespellen, het maken van mindmappen, uitwerken van projecten, ontwerpen van een spel of het maken van een werkstuk of spreekbeurt.

Uiteraard wordt bij elk van bovenstaande stappen de ouders bevraagd en is er achteraf ook een duidelijke communicatie over de evaluatie en eventuele volgende stappen. De kangoeroewerking krijgt trouwens ook een beoordeling op elk rapport.

Dit zijn de stappen die onze school neemt bij de opvolging van begaafde en/of hoogbegaafde leerlingen. Om ons steeds verder te bekwamen in deze technieken en om onze ‘knowhow’ en kennis verder te updaten is er een regelmatig overleg met het expertisecentrum Exentra en met enkele gelijkgestemde scholen die ook samenwerken met Exentra.